Cijfers uit het CBS-familienamenbestand, peiljaar 2020.
Smits is een beroepsnaam en gaat terug op 'smid' — de vakman die van metaal gereedschap, hoefijzers en wapens maakte.
Smits wonen door heel Nederland, maar het vaakst in Noord-Brabant. Daarmee staat Smits op plek 23 van de Nederlandse achternamen, goed voor 0,2% van alle naamdragers in de gegevens.
Beweeg over de kaart voor de aantallen per provincie.
| # | Gemeente | Provincie | Naamdragers | Aandeel |
|---|---|---|---|---|
| 1 | Eindhoven | Noord-Brabant | 646 | 2,8% |
| 2 | Tilburg | Noord-Brabant | 565 | 2,4% |
| 3 | Helmond | Noord-Brabant | 550 | 2,4% |
| 4 | Rotterdam | Zuid-Holland | 487 | 2,1% |
| 5 | Amsterdam | Noord-Holland | 479 | 2,1% |
| 6 | 's-Hertogenbosch | Noord-Brabant | 427 | 1,8% |
| 7 | 's-Gravenhage | Zuid-Holland | 425 | 1,8% |
| 8 | Nijmegen | Gelderland | 366 | 1,6% |
| 9 | Breda | Noord-Brabant | 334 | 1,4% |
| 10 | Oss | Noord-Brabant | 316 | 1,4% |
| 11 | Utrecht | Utrecht | 298 | 1,3% |
| 12 | Venray | Limburg | 273 | 1,2% |
* Geschat aantal. Het CBS publiceert per gemeente alleen een bandbreedte zolang er minder dan vijf naamdragers wonen; die aantallen zijn evenredig verdeeld over wat er van het totaal overblijft. Meer over de gegevens.
Achternamen vlak boven en onder Smits in de landelijke rangorde.
| #21 | De Wit | 24.139 |
| #22 | Dijkstra | 23.510 |
| #23 | Smits | 23.205 |
| #24 | De Graaf | 21.123 |
| #25 | Van der Meer | 20.610 |
De achternaam Smits is afgeleid van het woord 'smid', de vakman die met hamer en aambeeld metaal bewerkte tot gereedschap, hoefijzers, wapens en huishoudelijke voorwerpen. De smid was in vrijwel elk dorp een onmisbare ambachtsman: zonder smid geen beslagen paarden, geen ploegijzers en geen degelijk gereedschap. Het beroep vereiste specialistische kennis van vuur, metaal en gereedschap, waardoor de smid vaak een aanzienlijke en herkenbare positie in de lokale gemeenschap had.
Het woord 'smid' zelf gaat terug op een oud Germaans werkwoord dat 'smeden' of 'bewerken met hamerslagen' betekende, en is in vrijwel alle Germaanse talen terug te vinden, zoals in het Duitse 'Schmied' en het Engelse 'smith'. Binnen het smidsvak bestonden bovendien specialisaties, zoals de hoefsmid die zich toelegde op het beslaan van paarden en de grofsmid die groter constructiewerk deed, al werden deze onderscheidingen niet altijd apart in de achternaam vastgelegd, en droeg vrijwel elke ambachtsman met dit vak in de volksmond simpelweg de aanduiding 'de smid'.
Smits is in de kern een beroepsnaam, net als de kortere vorm Smit, maar met een extra -s aan het einde. Die -s werkt hier op vergelijkbare wijze als bij een patroniem: hij duidt op een afstammingsrelatie, in dit geval van iemand die zoon was van de smid, of hij is simpelweg de verbogen genitiefvorm die aangaf dat iemand 'bij de smid' hoorde. Beide verklaringen laten zien hoe dicht beroepsnamen en patroniemen in het Nederlandse taalgebied bij elkaar konden liggen: een beroep kon net als een voornaam de basis vormen voor een achternaam met een -s-uitgang.
Van Smits bestaan meerdere verwante schrijfwijzen. De vorm zonder -s, Smit, komt minstens zo vaak voor en is de meer directe beroepsnaam. Ook Smid en Smidt, met een -d in plaats van een -t, zijn gangbare varianten, evenals Smeets, dat teruggaat op een iets andere, zuidelijker klankvorm van hetzelfde grondwoord. Deze spellingsverschillen zijn typerend voor beroepsnamen die eeuwenlang mondeling werden doorgegeven voordat ze definitief in officiële registers werden vastgelegd, waarbij de uitspraak per streek net iets kon verschillen.
De formele vastlegging van Smits als erfelijke achternaam vond grotendeels plaats tijdens de Napoleontische naamgeving van 1811-1812, toen alle inwoners van Nederland voor het eerst wettelijk verplicht werden zich bij de burgerlijke stand te laten inschrijven met een vaste achternaam. Voor families die al generaties bekendstonden als 'Smits' of 'zoon van de smid', bevestigde dit alleen een naam die in de praktijk vaak al veel ouder was, aangezien het smedersvak zelf teruggaat tot ver voor de negentiende eeuw.
Met 23.205 naamdragers is Smits een van de grotere Nederlandse achternamen. Dat aantal past bij het wijdverbreide en onmisbare karakter van het beroep: vrijwel elke plaats had een eigen smid nodig, waardoor namen als Smit en Smits onafhankelijk van elkaar in tal van families door het hele land konden ontstaan.
Smits gaat terug op het woord 'smid', de vakman die metaal bewerkte tot gereedschap, hoefijzers en andere voorwerpen.
Smits is een beroepsnaam met een -s-uitgang, vergelijkbaar met een patroniem, gevormd rond het beroep smid.
De achternaam Smits wordt door 23.205 mensen in Nederland gedragen.
Veelvoorkomende varianten zijn Smit, Smid, Smidt en Smeets, allemaal afgeleid van hetzelfde beroep.
Sinds de Napoleontische naamgeving van 1811-1812, al bestond het smedersvak en de bijbehorende naam al veel eerder.
Verdiept zich in Nederlandse familienamen en verzorgt de toelichting bij de cijfers op deze site.